anekdotiek

vrouwelijk (de)/ˌanɛkdoˈtik/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (het vertellen van) een toevallige bijzonderheid
    De anekdotiek van het verhaal vind ik verre van het vermelden waard, het plot is niet de reden waarom ik graag schrijf.
    Dat ook de Senaat een vrouwelijke voorzitter houdt en de federale regering paritair is samengesteld, is volgens Tillieux geen anekdotiek. Het wijst op een mentaliteitswijziging, luidde het.

Etymologie

* afleiding van anekdote