amfibie

mannelijk (de)/ˌɑmfiˈbi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gewerveld dier dat zijn leven als een soort visje in het water begint en bij het opgroeien van gedaante verandert en op het land komt wonen
    Een kikker is een van de meest bekende amfibieën.
  2. amfibievoertuig

Etymologie

*Leenwoord uit Neolatijn "amphibium", gevormd op basis van het Oudgriekse bijvoeglijk naamwoord amphíbios ‘op land en in water levend’, letterlijk ‘in beide levend’, samenstelling uit amphí ‘aan beide kanten’ en bíos ‘leven, levenswijze’.

Vertalingen

Engelsamphibian
Fransamphibie, amphibien
DuitsAmphibie
Spaansanfibio
Italiaansanfibio
Japans両生類
Poolspłaz
Zweedsgroddjur