woorden
boek
Start
›
A
›
ambtsmisbruik
ambtsmisbruik
onzijdig (het)
/'ɑmptsmɪzbrœyk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
misbruik van de bevoegdheden van een ambt door een ambtsdrager
Verwante woorden
ambt
ambt delden
ambt montfort
ambtelijk
ambtelijke
ambtelijker
ambtelijkheid
ambteloos
ambteloze
ambten
ambtenaar
ambtenaars
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← ambtsleer
ambtsmisbruiken →