amberboom

mannelijk (de)/'ɑmbərbom/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plantkunde (plantkunde) benaming voor de Amerikaanse amberboom , een loofboom uit de familie , van oorsprong uit het oosten van Noord-Amerika
    Het sap van de amberboom is welriekend en ruikt naar amber.

Vertalingen

Engelssweetgum
Spaansliquidámbar, estoraque, árbol del ámbar