airmarshal

mannelijk (de)/ˈɛːrmɑrʃəl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gewapende, niet-geüniformeerde veiligheidsagent die meevliegt met een verkeersvliegtuig met als doel terreuracties te voorkomen

Etymologie

*van Amerikaans "air marshal", aaneengeschreven volgens