agressiviteit
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de neiging tot agressie
- het agressief zijnZe had Kron nooit serieus genomen als hij zijn pijlen op de agressiviteit van het kapitalisme richtte; ze had hem niet geloofd als hij haar van Gombrowski's kwaadaardigheid probeerde te overtuigen.Bovendien verloor ik op school iets van de agressiviteit die er met de jaren in me was gegroeid.
- (medisch) de mate waarin een ziekte zich verspreid
Etymologie
*Afgeleid van agressief
Vertalingen
Engelsaggressiveness, aggression
Fransagressivité, agressivité
DuitsAggressivität, Aggressivität
Spaansagresividad, agresividad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek