afterpil

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɑːftərˌpɪl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medicament dat men na de geslachtsgemeenschap kan gebruiken als anticonceptiemiddel
    Stel je voor eerst kom je bij de portier die je vraagt bij welke afdeling je moet zijn. Daar had ik geen flauw benul van dus ik zei maar precies waar het op stond: het condoom is gescheurd en nu wil ik graag zo'n afterpil hebben.

Etymologie

*(verkorting) van "morning-afterpil"