aftakking
vrouwelijk (de)/'ɑftɑkɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- van een weg, waterloop of (elektrische) leiding zijwaarts afgaande tak
- plaats waar deze splitsing plaatsheeft
Etymologie
* van aftakken
Vertalingen
Engelsbough, branch, branching
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek