afspannen
/ˈɑfspɑnə(n)/
Betekenis
werkwoord
- een draad strak tussen twee vaste punten laten hangenDie zegt dat zij op een aantal plekken in Feijenoord bovenlangs noodverbindingen heeft laten afspannen: ‘Volgens ons is dat voorlopig voldoende.De Volkskrant John Wanders 10 maart 2008 [https://www.volkskrant.nl/archief/eerst-licht-aan-dan-pas-fouilleren~a900462/ Eerst licht aan, dan pas fouilleren ]
- door het op spanning brengen strak makenWat rest is het afspannen van de hoofdtent, het handmatig opzetten van de luifel en het aanspannen van scheerlijnen.NRC Anthon Keuchenius 18 november 2002 [https://www.nrc.nl/nieuws/2002/11/18/een-kar-in-de-tent-7614638-a1060501 Een kar in de tent ]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek