affaire

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɑˈfɛːrə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zakelijke of vervelende aangelegenheid die langere tijd aandacht vraagt
    Deze affaire werd breed in het nieuws gebracht.
  2. geheime verhouding met een ander dan de vaste partner
    Hij was een affaire aangegaan met zijn bazin.
    Met deze zet toverde ze zijn affaire om in een vrijbrief voor haar eigen pleziertjes.

Etymologie

*van """, in de betekenis van ‘zaak’ voor het eerst aangetroffen in 1300

Vertalingen

Engelsaffair, case
Fransaffaire
DuitsAffäre
Spaansasunto
Poolsromans