afdruiprek

onzijdig (het)/ˈɑvdrœyprɛk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een open raamwerk waarin pasgewassen vaatwerk gezet wordt om het aanhangende vocht af te laten vloeien
    Haal de borden even uit het afdruiprek, ze zijn nu wel droog.

Vertalingen

Engelsplate rack
Franségouttoir
DuitsGeschirrkorb
Spaansescurreplatos