afdruipen

/ˈɑvdrœypə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. erga (erga) het geleidelijke proces waarmee aangehecht vocht van een vast oppervlak valt
    Het zeepsop droop langzaam van de borden af.
  2. erga (erga) smadelijk weggaan
    Er zat na die onverwacht felle tegenstand niet veel anders op dan af te druipen.