woorden
boek
Start
›
A
›
achterroef
achterroef
mannelijk/vrouwelijk (de)
/ˈɑxtəˌruf/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
verblijfplaats voor bemanningsleden van een schip aan de achterzijde van een schip
Synoniemen
achtersalon
achterlogies
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← achterrem
achterruimte →