aartsschelm
mannelijk (de)/ˈartsxɛlᵊm/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- doortrapte boef, iemand die sterk geneigd is dingen te die verboden zijnWie contact wil met de ‘echte’ Uilenspiegel wordt verwezen naar het nabijgelegen ‘Dorf Kneitlingen’, dat als Tijls geboorteplaats de spin in het web is van de wandel-, fiets- en autoroutes die de plaatselijke VVV in de voetsporen van Uilenspiegel heeft uitgezet. Maar ook daar komt de aartsschelm je minder nabij dan in het boek van Bote.
Etymologie
*(intensiverende) afleiding van "schelm"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek