aanzet

mannelijk (de)/'anzɛt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. begin
    De schets was de eerste aanzet tot het maken van een nieuw type auto.
    Lot snuift even, een aanzet tot lachen.
  2. aansporing
  3. plaats waar een onderdeel van een constructie begint of aansluit
  4. taalkunde (taalkunde) het optionele eerste deel van een lettergreep, altijd bestaand uit een of meer medeklinkers
  5. muziek (muziek) de wijze waarop een muzikaal geluid begint

Etymologie

* van aanzetten

Vertalingen

Engelsonset, onset
DuitsAnsatz, Anlauf