aanloopperiode
vrouwelijk (de)/ˈanloperiˌjodə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- periode tussen het inschakelen en voluit werken
- periode waarin iets nog ontwikkeld moet worden
Vertalingen
Engelsstart-up period, trial period
Franspériode de démarrage
DuitsAnlaufzeit
Spaansfase inicial
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek