aanloopperiode

vrouwelijk (de)/ˈanloperiˌjodə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. periode tussen het inschakelen en voluit werken
  2. periode waarin iets nog ontwikkeld moet worden

Vertalingen

Engelsstart-up period, trial period
Franspériode de démarrage
DuitsAnlaufzeit
Spaansfase inicial