aanliggen
/ˈanlɪɣə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) ~ aan: op Romeinse wijze deelnemen aan een banket, gelegen op een sofaHij had een aantal malen aan het keizerlijk hof aangelegen aan het banket.
- (erga) ~ tegen: in onmiddellijke aanraking gelegen zijnHij vergeleek onder meer aapjes die als baby dicht tegen hun moeder aanlagen om te drinken met aapjes die een surrogaatmoeder hadden.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het aanliggen in de tweede betekenis erin.
- enz.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek