aanlegsteiger
mannelijk (de)/ˈanlɛxˌstɛiɣər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) steiger waar men aanlegtWe stapten uit ons bootje op de aanlegsteiger.Ik wandel op blote voeten en in mijn oversized T-shirt de aanlegsteiger op en staar over het glinsterende meer, dat in de verte wordt omzoomd door heldergroene wilgen.Hij kon gemakkelijk een boot nemen vanaf de privé-aanlegsteigers van Leicester House, soms in de kledij van een van zijn bedienden, en in het geheim naar Durham House komen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek