Zegge

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈzɛɣə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bloemplanten (bloemplanten) een geslacht van zowel bladverliezende als groenblijvende met een grasachtige groeivorm, behorend tot de cypergrassenfamilie (). Het geslacht Carex is met ruim 2000 soorten een van de grootste geslachten van de bedektzadigen
    Een aantal zeggesoorten worden als sierplanten in tuinen benut.

Etymologie

* In de betekenis van ‘plantengeslacht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1578

Vertalingen

Engelssedge
Franslaîche
DuitsSegge
Spaanscarrizo, jisca