Werf
mannelijk/vrouwelijk (de)/wɛr(ə)f/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een scheepswerfHet schip werd naar de werf gebracht.
- een plaats waar goederen gestapeld liggenDe eigenaar van de werf werd gisteravond dood aangetroffen in zijn huis.
- (België) een bouwterrein
- maal, keer
Etymologie
* In de betekenis van ‘keer’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240
Vertalingen
Engelswharf
DuitsWerft
Spaansastillero
Russischверфь
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek