Wenden
/ʋɛndɘ(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) een andere richting inslaan
- (erga) (scheepvaart) van koers veranderen, bij zeilen vooral ook "door de wind gaan": "overstag gaan" of "gijpen"Klaar om te wenden? Ree!
- (refl) zich ~ tot: een persoon of instelling aansprekenHij wendde zich tot de bisschop.
Etymologie
*van Middelnederlands "wenden"; woorden als wandelen en winden hebben een verwante herkomst
Uitdrukkingen
- zich niet kunnen wenden of keren — met teveel mensen in een ruimte zijn zodat men zich niet kan bewegen
- hoe je het ook wendt of keert — wat je ook probeert, je kunt het niet veranderen
Vertalingen
Engelsturn about, turn, turn around
Fransadresser
Spaansgirar, hacer girar, virar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek