Waterkant

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. daar waar land ophoudt en een water, zoals beek, rivier, meer of kanaal begint
    We hebben heerlijk een middagje aan de waterkant gezeten.
    Vanwege de vervroegde avondklok zijn veel winkels op Curaçao niet opengegaan, meldt voorzitter Mahesh Mukhi van ondernemersvereniging Downtown Management Organization (DMO) aan deze site. Een deel van de winkeliers op het eiland heeft uit voorzorg zandzakken voor hun winkels geplaatst, vooral aan de waterkant van de hoofdstad Willemstad.

Vertalingen

Engelswaterside
Fransberge, bord de l'eau
DuitsUfer
Spaansorilla, ribera