Roerdomp

mannelijk (de)/'rurdɔmp/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. roeipotigen (roeipotigen) schuchtere vogel uit de reigerfamilie die een dompend geluid voortbrengt

Etymologie

* In de betekenis van ‘reigerachtige’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1562

Vertalingen

EngelsCommon Bittern
Spaansave-toro