Ree

mannelijk/vrouwelijk (de)/re/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. evenhoevigen (m) / (f) / (n) (evenhoevigen) zoogdier uit de familie van de hertachtigen (Cervidae) voornamelijk voorkomend in Europa. In Azië leeft de verwante Siberische ree (Capreolus pygargus)
  2. scheepvaart (m) / (f) (scheepvaart) rede
  3. verouderd (n) (verouderd) lijk

Etymologie

* In de betekenis van ‘herkauwer, wijfjeshert’ voor het eerst aangetroffen in 1100

Vertalingen

Engelsroe
Franschevreuil
DuitsReh
Spaanscorzo