Ranonkel
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) benaming voor planten uit het geslacht , vaak gekenmerkt door bloemen met vijf bloemblaadjes en voorkomend in vele variëteiten
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plant’ voor het eerst aangetroffen in 1773
Vertalingen
Engelsbuttercup
Spaansranúnculo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek