Markt
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈmɑrᵊkt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (handel) plein of straat waar handelaren hun waar (3) aan de klanten verkopenHet was druk op de markt.'Kijk nou eens, een teentje,' zegt ze, terwijl ze zich bukt en Thea's voet pakt alsof ze een visvrouw is die op de markt kritisch garnalen bekijkt.Maar als ze de gang in loopt, kolkt er één gedachte door haar hoofd: als zij en Walter deze pop niet hebben gemaakt, wie in deze stad vol geheimen heeft het dan wel gedaan? IX Zze zullen deze avondmaaltijd beginnen met hartige pannenkoekjes, gegarneerd met venkel en dille uit de kas, gekocht op de markt, ook al is het buiten het seizoen.
- (economie), (handel) het geheel van omstandigheden waaronder gevraagde en aangeboden hoeveelheden van een bepaald product of een bepaalde dienst verhandeld worden tegen een bepaalde prijsDat ligt goed in de markt.En herkomst is van belang, meneer Scott, als u ervoor kiest om het schilderij tentoon te stellen of op de markt te brengen.Ik wil dat mijn schilderijen zo waardevol en zo belangrijk worden dat niemand ze van de markt kan halen en kan laten verdwijnen omdat ze - God verhoede! - door een vrouw zijn geschilderd! Maar het is niet alleen dat.
Etymologie
*van Latijn "mercatus" "markt", wat weer is afgeleid van "mercari" "handel drijven"; in de betekenis van ‘plaats voor openbare handel’ aangetroffen vanaf 1240
Uitdrukkingen
- Bij het scheiden van de markt, leert men de kooplui kennen. — Als de zaken eenmaal gedaan zijn, leer je iemand pas kennen
- Boven de markt hangen — Gezegd van iets wat waarschijnlijk gaat gebeuren, terwijl nog onduidelijk is wanneer (zowel in economische – dus meer letterlijke – context als in figuurlijke zin); onduidelijk/onzeker blijven
- Het niet onder de markt hebben — Het moeilijk hebben
- Van alle markten thuis zijn — Veel kunnen en handig zijn, of van veel verschillende dingen iets weten
- Van een koude (kale of slechte) markt (of: reis, kermis) thuiskomen — Niet datgene krijgen waar je op hoopte, teleurgesteld worden
- Zich uit de markt prijzen — Door eigen toedoen laten anderen diegene links liggen
Vertalingen
Engelsmarket, market, exchange
Fransmarché
DuitsMarkt, Markt
Spaansmercado
Japans市場, 市場
Koreaans시장
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek