Lino

mannelijk (de)/ˈlino/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kunst (kunst) afdruk van een in linoleum uitgesneden afbeelding
    Ondanks alle verschillende materialen en technieken die Post gedurende een halve eeuw tekenen inzette, is ze vooral beroemd geworden met twee stijlen; de schetsmatige potloodtekeningen uit de Kuijer-periode en de gestileerde linoleumsneden bij de dierenverhalen van Toon Tellegen. Post had haar laatste lino gemaakt op het Montessori-lyceum, maar toen Reinold Kuipers haar begin jaren tachtig vroeg de techniek weer op te pakken voor een tekening bij een verhaal van Tellegen wilde ze het wel proberen.

Etymologie

*(verkorting) van "linoleumsnede"