Kolgans

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. eendvogels (eendvogels) een ganzensoort van Noord-Amerika en Europa met een witte kol vlak voor zijn snavel
    Toen de boer zijn schoten loste vlogen er een duizendtal sneeuw- en kolganzen vlak over mijn hoofd.

Etymologie

* In de betekenis van ‘eendachtige’ voor het eerst aangetroffen in 1797

Vertalingen

Engelsgreater white-fronted goose
Fransoie rieuse
Deensblisgås