Kodde

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. knuppel, knots
  2. staart van een dier (vooral een hond, een varken of een koe)
  3. (bij uitbreiding) aars
  4. plantkunde (plantkunde) moeras- of oeverplant, lisdodde
  5. verouderd (verouderd) iets grappigs

Etymologie

* Uit Vroegnieuwnederlands kodde ‘testikel; knuppel’, uit Middelnederlands codde, ontwikkeld uit Oergermaans *kuddan- ‘tas’, afgeleid van *keudō- (gen. *kuddaz).Guus Kroonen, The Proto-Germanic n-stems: A study in diachronic morphophonology, Amsterdam: Rodopi, 2011, blz. 175-176.Guus Kroonen, Etymological Dictionary of Proto-Germanic, Leiden: Brill, 2013, blz. 308. Evenals Zweeds kudde ‘kussen’ en Engels cod ‘peul, omhulsel, balzak’.