Drieslag

mannelijk (de)/'drislɑx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een onregelmatige gang van een paard
  2. draaiende beweging bestaande uit drie slagen van 120 graden
  3. een handeling bestaande uit drie elementen
  4. stijlfiguur bestaande uit drie elementen
    De bed, bad, broodregeling is een voorbeeld van een drieslag.