Do

mannelijk/vrouwelijk (de)/do/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) (Nederland) een bepaalde toon, die de grondtoon van een melodie aangeeft
    De toonhoogte is wat lager dan gebruikelijk, toch noemen we de eerste drie trappen van de toonladder do-re-mi.
  2. muziek (muziek) (Vlaanderen) een toon van een bepaalde frequentie, die in andere systemen met C aangegeven wordt
    Dit stuk staat in do mineur.
zelfstandig naamwoord
  1. afkorting, tijdrekening, dag (afkorting), (tijdrekening), (dag) donderdag, de vierde dag van de werkweek
    Open: di, wo, do, vr; dicht: za, zo, ma.|Geopend op dinsdag, woensdag, donderdag en vrijdag; gesloten op zaterdag, zondag en maandag.

Etymologie

*(m) (verkorting) van het Nederlandse zelfstandige naamwoord donderdag