Dede
/ˈdedə/
Betekenis
werkwoord
- (verouderd) deed, de onvoltooid verleden tijd van doenHet was zoo veilig, Hope, in uw vrede.Waart gij een moeder, ik het kind dat schreide?Zoo zacht zocht gij het woord, dat rusten dedeDer angsten smarten en het hartelijden.'t Is of de angst mij fel omsnoert, als dede ik reeds de zwaarste zonde!
Etymologie
*(erfwoord) van Middelnederlands "dede"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek