Bolk
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbɔlᵊk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (straalvinnigen) benaming voor vissen uit het geslacht in de orde der kabeljauwachtigen
Etymologie
*[1] (erfwoord) via Middelnederlands "bolloc" van Oudnederlands "bullok" <!--
Vertalingen
Spaansfaneca
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek