Baäl
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbaʔal/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- mannelijk iemand, met name iemand die een bepaalde werkzaamheid verricht
- afgod
Etymologie
* Herkomst: Hebreeuws (vernederlandste vorm), letterlijk: 'bezitter, eigenaar, heer'
Vertalingen
EngelsBaal
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek